De basissteken van haken bestaan uit 4 steken:

  • Losse
  • Half vaste
  • Vaste
  • Stokje

Door een combinatie te maken van deze steken, kunnen allerlei soorten accessoires gehaakt worden. Er bestaan verschillende maten haaknaalden die kunnen worden gebruikt, afhankelijk van de dikte van het garen. Voor het haakwerkje van de vazen combineerden we de LOSSE en de VASTE basissteek. Deze zullen we dan ook uitleggen.

De LOSSE basissteek

Bijna alle gehaakte werkjes beginnen met de losse steek. Als je voor het eerst gaat haken, is het het beste om aan de slag te gaan met een dikke haaknaald om de beginlussen te maken. De eerste naald van je haakwerkje is het moeilijkst, omdat er geen basis is om het werk vast te houden. Daarom is het slimmer om de lossen heel los te haken om zo de haaknaald gemakkelijker in te kunnen steken.

  • 1. Houd het uiteinde van het garen tussen duim en wijsvinger van de linkerhand, haal de draad over je wijsvinger en tussen je pink en ringvinger. Je moet de haaknaald vasthouden alsof het een pen is met de duim en wijsvinger van je rechterhand (mits je rechts bent, ben je links moet dit natuurlijk andersom).
  • 2. Vorm een lus met de draad. Zet de draad op de haaknaald en met de haak van de haaknaald trek je deze draad naar achter door de lus, hierdoor vorm je de lossen.
  • 3. Herhaal deze handeling tot je het benodigde aantal lossen hebt gemaakt.

De VASTE basissteek

  • 1. Steek, nadat je de lossen hebt gemaakt, de haaknaald in de tweede losse vanaf de haaknaald.
  • 2. Zet een draad op de haaknaald en haal deze draad door de losse: er staan twee lussen op de haaknaald, zet opnieuw een draad op de haaknaald en haal deze draad door de twee lussen.
  • 3. Nu heb je een vaste gemaakt. Om nog een vaste te haken, moet je de haaknaald in de volgende losse steken en de handeling van stap 2 herhalen.
  • 4. Haak een vaste in elke losse. Heb je alle lossen gehad, draai je het werkje om en kun je met de nieuwe rij beginnen.
  • 5. Begin de volgende naald met één losse en haak vervolgens één vaste op elk van de vasten van de voorafgaande naald.
  • 6. Haak tenslotte de eerste steek op de beginlosse van de voorafgaande naald.

Wil je de overige haaksteken ook onder de knie krijgen? Kijk op http://www.wolstalletje.nl/beginnenmethakenenguimpesteek.pdf voor een duidelijke uitleg.